Aanstaande zondag 4 oktober is het weer Israëlzondag in de Protestantse Kerk Nederland (PKN) en ook in enkele andere kerkverbanden. Al eerder blogde ik over de Israëlzondag. Maar nu speciaal omdat deze zondag op de schop moet. Ieder jaar roept bij bepaalde predikanten en kerkleden deze zondag weerstand op. Ze zitten er mee in hun maag. Het liefst willen ze deze zondag dan ook loskoppelen van Israël en het alleen hebben over de Joden.
Wie zo redeneert leert de vervangingstheologie en die bevindt zich in de volle breedte van de kerk, van reformatorisch tot vrijzinnig. Ook hier heb ik al eerder over geblogd. Het komt erop neer dat Israël heeft afgedaan en de kerk in plaats van Israël is gekomen. Alle beloften in het Oude Testament hebben geen waarde meer voor het huidige Israël maar voor de kerk. In streng-gereformeerde kringen spreekt men dan ook van het geestelijke Israël of: het Israël Gods. Waarmee dan een bepaalde groep gelovigen wordt bedoeld.
Maar de oorsprong van de kerk ligt juist in Israël. Op de Pinksterdag werd in Jeruzalem de christelijke kerk geboren, die toen nog niet zo werd genoemd. De kerk is dus voortgekomen uit het Jodendom. Bekend is de uitdrukking: ‘Israël is onze oudste broeder’. Ds. Kees van Velzen: “Als kerk ben je in Israël geworteld. Dat moet je niet onder stoelen of banken steken.” En als je dit wel onder stoelen of banken steekt schaam je je blijkbaar voor je geestelijke afkomst, zoals soms mensen zich kunnen schamen voor hun afkomst omdat ze een zoon of een dochter van die of die zijn.
Het valt mij op dat steeds meer predikanten, zeker na 7 oktober 2023, moeite hebben met de staat Israël. Om allerlei trammelant te voorkomen gaan ze in hun preken met een grote boog om Israël heen. Want in de gemeente lopen de meningen immers sterk uiteen.
Drie predikanten van de PKN, Bert Altena, Jan Offringa en Dick Pruiksma, bekend van de Rode Lijn-demonstraties bij het hoofdkantoor van de PKN in Utrecht, organiseerden onlangs de studiedag ‘Beloofd land, geroofd land? Over de reikwijdte van de Bijbelse landbelofte.’ Zij willen dan ook niet meer spreken van ‘Kerk en Israël’ maar van ‘joods-christelijke betrekkingen’.
Op de website van Nieuw Wij schrijven zij: ‘De PKN kan ervoor kiezen de Israëlzondag een langzame dood te laten sterven. Ze kan ook luisteren naar wat er leeft onder haar leden en deze dag een nieuwe kans geven, onder een andere naam. Tegelijk kan zij, aangezien deze zondag niet om solidariteit met de staat Israël vraagt, vrijuit kritiek geven op het onrecht dat Palestijnen wordt aangedaan. Daarbij is het zaak dat de kerk, intern en daarbuiten, vormen van geloof en theologie weerlegt die dit onrecht vergoelijken.’
Ik vraag mij af: waarom deze zondag niet om solidariteit met de staat Israël vraagt. Kan de kerk, als vrijwel de hele wereld en ook onze eigen regering op Israël spuugt, misschien ook éénmaal per jaar zeggen voluit achter de staat Israël te staan omdat die staat recht van bestaan heeft en moet vechten om haar voortbestaan? Volgens dit soort lieden blijkbaar niet. En helaas zijn zij een van de velen die ditzelfde ambt uitoefenen en met hetzelfde sop zijn overgoten.
Nog een vraag: Er wordt gesproken over vrijuit kritiek geven op het onrecht dat de Palestijnen wordt aangedaan. Wat voor onrecht en wat is de oorzaak dan van dat ‘onrecht’? Zijn deze predikanten 7 oktober vergeten? Het zijn juist de Palestijnen, althans een groot deel daarvan, die Israël geen bestaansrecht gunnen en op deze datum het liefst heel Israël van de kaart hadden geveegd.
Vraag 3: welke vormen van geloof en theologie moeten worden weerlegt die eventueel onrecht aan Palestijnen vergoelijken? Zo’n geloof en theologie bestaan niet. Er is maar een geloof en theologie dat onrecht aan andersdenkenden vergoelijkt en dat is de islam.
Altena, Offringa en Pruiksma: ‘Waar sinds 22 september het importeren van wijn uit de illegaal door Israël bezette Westbank in ons land verboden is, roepen we de kerk op: schenk zelf nu ook klare wijn! Eigenlijk is het daarvoor al veel te laat, maar beter laat dan nooit.’
De ‘klare wijn’ die zij voor ogen hebben is niet meer dan antizionistisch gif. Omdat zij van de wortel Israël zijn losgeraakt lopen hun kerken leeg. Het is duidelijk door wie zij zich laten inspireren. In ieder geval niet door de Heilige Geest, de Inspirator bij uitstek.
Menige predikant in de PKN schaamt zich kapot voor dit gezwam van hun collega’s. Het is ook eigenlijk een grote schande. Een aanfluiting voor de kerk.
Het antizionisme vervult een steeds groter deel van de kerken. En heus niet alleen die van de PKN. Ook in Christelijke Gereformeerde- en Nederlandse Gereformeerde kerken wordt Israël het liefst zo weinig mogelijk genoemd. De vervangingstheologie en het linkse politieke denken spelen ook hier een grote rol.
Eerlijk gezegd verwacht ik niet veel van Israëlzondag 2026. Misschien zal het hier en daar nog genoemd worden. Behalve dan in evangelische kerken. Daar is de liefde voor Israël bij veel mensen nog aanwezig. Hoewel ook hier helaas de verpestende invloed van de media voelbaar is.
Terwijl ik dit schrijf valt het nieuwste nummer van Israëlaktueel van Christenen voor Israël door de brievenbus. Daarin een interessant artikel over de Israëlzondag van de predikanten Frank Heikoop en Davy Hoolwerf. Een stukje daaruit wil ik je niet onthouden. Een vraag van redacteur Marijke Terlouw: Is het dan niet verleidelijk om te zeggen ‘Israëlzondag geeft alleen maar gedoe, laat ik hem dit jaar maar overslaan?’ Na even nadenken zegt ds. Davy Hoolwerf: “Blijf dicht bij de Bijbel. Dan kun je niet om Israël heen. God heeft zelf bepaald: Ik wil de God van Abraham, Isaak en Jakob zijn. Dan kun je moeilijk zeggen: Dan hebben we het maar niet meer over Israël.” Hij wijst erop dat ook het overslaan van Israëlzondag een boodschap afgeeft. “Realiseer je wat je dan uitstraalt. Voor mij maak je het dan juist extra politiek. Israëlzondag is zo niet bedoeld.”
Ik hoop dat aanstaande zondag predikanten/voorgangers het voluit voor Israël opnemen en zeggen: je laat toch je oudste broer niet in de steek? Ook als die broer volgens jou niet alles goed doet. Dan sla je toch je arm om hem heen en zeg je: joh, wij zijn ook niet perfect, maken ook fouten, maar we zijn wel broeders. Niet door een vleselijke band, maar door een geestelijke band. Een band door God gelegd die eeuwig duurt. Dán schenk je klare wijn!
Reactie plaatsen
Reacties